Zoeken | Inloggen 
zondag 17 december 2017 Home > Journalistieke producties > Column
 Column

Van Franeker 200.jpg

Column in het tijdschrift VOGELS, 2005.

Het monster Fulmar

Een soort broodtrommeltje is het. Iets groter zelfs en doorzichtig, zodat je de inhoud goed ziet; plastickorrels, een brok piepschuim, een stuk nylon net, een halve tandenborstel, vlokken schuimplastic en nog twee handenvol vreemd materiaal. Dit is de schrikdoos van dr. Jan Andries van Franeker, bioloog, stiekem ook wel Mr. Fulmar – Meneer Stormvogel – genoemd. De ellendige inhoud van die doos is wat een Nederlander in zijn maag zou hebben als hij een stormvogel was. Want 97% van ‘onze’ stormvogels heeft zich ziek gegeten aan onverteerbaar zwerfvuil dat de Noordzee verslonst.

Van Franeker is de uitvoerder van Project Fulmar. Op Texel, in het lab van het ecologisch instituut Alterra, onderzoekt hij van aangespoelde dode stormvogels de maaginhoud. Er staan in het lab zo’n slordige duizend monsterdoosjes met bizarre inhoud. Stormvogels op ons deel van de Noordzee dragen gemiddeld 50 stukjes plastic mee, van industrieel granulaat tot gestold schoonmaakmiddel. De vogels foerageren op kleine prooi aan het wateroppervlak. Die prooi is schaars geworden. Zwerfvuil is er in overvloed. En het ziet er uit als prooi…

Net in de vijftig is Van Franeker nu. Zijn halve leven al neemt hij stormvogels onder de loep. Als student kreeg hij de weinig opwindende opdracht om geprepareerde vogels te onderzoeken op ondersoort-verschillen. Maar hij ging liever naar buiten: dode exemplaren verzamelen op het strand. Hij onderzocht alles aan ze, zelfs hun maaginhoud. Het was begin jaren tachtig en student Van Franeker deed een belangrijke ontdekking over de ernst van het zwerfvuil op zee.

Hij hóudt van stormvogels. “Ik geniet van hun prestaties en verwonder me over hun doorzettingsvermogen. Ze leiden een hard bestaan boven een grauwe ruwe zee. Hoe spelen ze dat toch klaar?” Respect dus voor een kleine, taaie doordouwer. Maar tegelijk is die stormvogel voor de onderzoeker een monster: proefmateriaal voor de mate waarin zwerfvuil de Noordzee verziekt. Vooral de scheepvaart blijkt verantwoordelijk voor die vervuiling. Van Franeker: “de betrokken ministers willen nu, met onze bevindingen in de hand, de vervuiling terugdringen. Het Noordzeeleven – niet alleen de stormvogel – moet een fatsoenlijke kans hebben zich te handhaven. Prachtig! Maar tegelijk einde oefening voor Fulmar. Wegens overtuigend succes zet de EU ons project niet voort. Terwijl ‘meten’ aan de stormvogel de enige manier is om te ‘weten’ of de Noordzee ook echt schoner gaat worden.”

Project Fulmar kost minder dan een ton per jaar. Er zijn zeker acht landen direct betrokken. Op EU-schaal gaat het om grijpstuivers.

René de Vos, redacteur

 



Copyright (c) 2017 René de Vos Editing